Ketenregeling bij tijdelijke contracten hoe werkt het

Ketenregeling bij tijdelijke contracten: hoe werkt het?

Werkgevers maken regelmatig gebruik van tijdelijke arbeidsovereenkomsten. De wet stelt hier grenzen aan via de zogeheten ketenregeling. Deze regeling bepaalt wanneer een reeks tijdelijke contracten automatisch overgaat in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Voor werkgevers is het belangrijk om te weten wanneer een tijdelijk contract onderdeel wordt van een keten en op welk moment een werknemer recht krijgt op een vast contract.

Wanneer ontstaat een vast contract?

Volgens de wet ontstaat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd wanneer:

er meer dan drie tijdelijke contracten achter elkaar worden afgesloten
of wanneer de totale duur van opeenvolgende contracten langer is dan 36 maanden

In beide situaties geldt dat het laatste contract automatisch wordt omgezet in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Het vierde contract in een reeks tijdelijke contracten wordt dus beschouwd als een vast contract.

Wanneer is er sprake van één keten?

Contracten maken deel uit van dezelfde keten wanneer de periode tussen twee contracten niet langer is dan zes maanden.

Is de onderbreking langer dan zes maanden, dan begint er juridisch een nieuwe keten. De telling van het aantal contracten en de totale duur start dan opnieuw.

De 36-maandenregel

Naast het aantal contracten speelt ook de totale duur een rol. Wanneer de periode van opeenvolgende tijdelijke contracten langer wordt dan 36 maanden, ontstaat automatisch een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Voor de berekening van deze periode tellen tussenliggende periodes mee, zolang de onderbreking niet langer duurt dan zes maanden.

Opvolgend werkgeverschap

De ketenregeling kan ook van toepassing zijn wanneer een werknemer overstapt naar een andere werkgever. Dit wordt opvolgend werkgeverschap genoemd.

Hiervan is sprake wanneer de werknemer hetzelfde werk blijft doen en de nieuwe werkgever redelijkerwijs als opvolger van de vorige werkgever kan worden gezien.

Een bekend voorbeeld is een uitzendkracht die na een periode van uitzending rechtstreeks in dienst treedt bij het bedrijf waar hij eerder werkte. In dat geval kan de keten van tijdelijke contracten worden voortgezet.

Afwijken van de ketenregeling

Werkgever en werknemer kunnen onderling geen afspraken maken die afwijken van de wettelijke ketenregeling. Wanneer de voorwaarden van de regeling worden bereikt, ontstaat automatisch een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

In sommige cao’s kan wel van de wettelijke regeling worden afgeweken. Dat kan bijvoorbeeld betekenen dat er meer tijdelijke contracten mogelijk zijn of dat de maximale periode anders wordt vastgesteld.

Uitzonderingen

Voor bepaalde groepen werknemers gelden afwijkende regels.

Zo geldt de ketenregeling niet voor werknemers jonger dan 18 jaar die gemiddeld minder dan 12 uur per week werken.

Voor werknemers die de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt, is de regeling ruimer. Met deze werknemers mogen maximaal zes tijdelijke contracten worden afgesloten binnen een periode van 48 maanden.

Ook voor uitzendkrachten gelden vaak afwijkende regels. Deze zijn vastgelegd in de cao voor uitzendkrachten.

Wetsvoorstel voor aanpassing van de ketenregeling

In mei 2025 is een wetsvoorstel ingediend om de ketenregeling aan te passen. Als dit voorstel wordt aangenomen, kan de regeling vanaf 2027 wijzigen.

Voor werkgevers is het daarom verstandig om ontwikkelingen rond arbeidscontracten en ketenregelingen goed te blijven volgen.

Meer nieuws

Meer weten?

Bel, mail of chat gerust voor een afspraak.