Het kabinet heeft aangekondigd dat het een wettelijke verplichting voor stagevergoedingen wil invoeren. Hiervoor wordt een wetsvoorstel voorbereid. De wettelijke verplichting geldt dus nog niet. n deze blog bespreken we de plannen van het kabinet, de mogelijke gevolgen voor studenten en werkgevers en wat het ontbreken van een wettelijk minimumbedrag betekent.
Wat houdt de nieuwe wetgeving in?
Het kabinet heeft aangekondigd dat er een wettelijke verplichting komt voor stagevergoedingen. Volgens de plannen van het kabinet krijgen studenten in het mbo, hbo en wo die stage lopen als onderdeel van hun opleiding straks recht op een stagevergoeding. Hiervoor moet het wetsvoorstel eerst nog het wetgevingsproces doorlopen. Volgens de huidige plannen vallen onder meer korte stages en stages in het buitenland buiten de voorgestelde verplichting. De exacte uitwerking volgt in het wetsvoorstel. Het kabinet heeft namelijk aangegeven dat er vooralsnog géén minimumbedrag komt, maar dat de wet wel ruimte biedt om later alsnog een minimum vast te stellen als sectoren onvoldoende passende vergoedingen afspreken.
Met dit wetsvoorstel wil het kabinet tegemoetkomen aan de al jarenlang bestaande wens van studenten om een wettelijke stagevergoeding in te voeren. Hoewel sommige sectoren al afspraken hebben gemaakt in cao’s, is er behoefte aan snellere en bredere implementatie. De wetgeving beoogt niet alleen een vergoeding, maar ook een verbetering van de begeleiding van stagiairs, wat essentieel is voor de kwaliteit van stages.
Gevolgen voor werkgevers en sectoren
Als werkgever ben je verantwoordelijk voor de veiligheid en gezondheid van je stagiairs. Dit houdt in dat je hen een veilige werkomgeving moet bieden en, indien nodig, gratis beschermingsmiddelen moet verstrekken. Daarnaast is het belangrijk om ervoor te zorgen dat stagiairs voldoende rust nemen en niet te lang achter elkaar werken, aangezien de Arbeidstijdenwet ook van toepassing is.
Stagiairs hebben geen arbeidsovereenkomst, maar worden voor de Arbowet gelijkgesteld aan werknemers. Dit betekent dat je als werkgever ook voor hen moet zorgen op het gebied van arbeidsomstandigheden. Hoewel je op dit moment niet verplicht bent om een stagevergoeding te betalen, is het gebruikelijk om een financiële tegemoetkoming te bieden, afhankelijk van de aard van het werk en de opleiding.
Impact op stagiairs en hun rechten
Los van de plannen voor een verplichte stagevergoeding blijven de bestaande rechten van stagiairs onverminderd van kracht. Een stagiair mag niet als volwaardige werknemer functioneren; het doel van de stage moet voornamelijk gericht zijn op leren en ontwikkeling. Dit betekent dat de stagiair begeleiding moet krijgen en dat er duidelijke leerdoelen moeten zijn vastgelegd in een leerplan. Als een stagiair echter taken uitvoert die vergelijkbaar zijn met die van een reguliere werknemer, kan dit leiden tot de kwalificatie van een arbeidsovereenkomst.
Een belangrijk aspect is dat stagiairs geen recht hebben op salaris bij ziekte, tenzij er sprake is van een arbeidsovereenkomst. Werkgevers moeten zich bewust zijn van de kenmerken van een arbeidsovereenkomst, zoals arbeid, loon en gezagsverhouding. Als deze elementen aanwezig zijn in de relatie met de stagiair, kan dit gevolgen hebben voor de rechtspositie van de stagiair en kan de werkgever risico’s lopen, zoals boetes.
Geen minimumbedrag, wat betekent dat?
Tijdens een stage is er geen wettelijk minimumbedrag vastgesteld voor stagevergoedingen. Dit betekent dat werkgevers zelf kunnen bepalen of zij een vergoeding geven en hoe hoog deze is. De focus van een stage ligt op leren, en niet op het uitvoeren van reguliere werkzaamheden die een werknemer zou verrichten.
Als de stage echter niet gericht is op leren, maar enkel op werken, kan de stagiair mogelijk recht hebben op het wettelijk minimumloon. Wanneer een stagiair feitelijk werkzaamheden verricht als werknemer, kan sprake zijn van een arbeidsovereenkomst. In dat geval kan onder meer de Nederlandse Arbeidsinspectie handhavend optreden wanneer niet aan de wettelijke verplichtingen, zoals het betalen van het wettelijk minimumloon, wordt voldaan.
Toekomstige ontwikkelingen en wetgeving
Het kabinet heeft op 3 juli 2026 de hoofdlijnen van het wetsvoorstel naar de Tweede Kamer gestuurd. Naar verwachting gaat het wetsvoorstel begin 2027 in internetconsultatie. Daarna volgt de verdere parlementaire behandeling. De verplichting geldt dus nog niet. Wel biedt het wetsvoorstel de mogelijkheid om in de toekomst alsnog een minimumbedrag vast te stellen als blijkt dat sectoren onvoldoende passende stagevergoedingen afspreken. Het doel is om meer gelijkheid te creëren tussen studenten. Vooralsnog kiest het kabinet ervoor géén wettelijk minimumbedrag vast te stellen. Wel wordt de mogelijkheid opengehouden om dit in de toekomst alsnog te doen als dat nodig blijkt.
Echter, er zijn ook dilemma’s die zorgvuldig moeten worden overwogen. Het risico bestaat dat als er een minimumbedrag wordt vastgesteld, stagebedrijven mogelijk minder bereid zijn om hogere vergoedingen te betalen, wat kan leiden tot een afname van beschikbare stageplekken. De minister werkt daarom samen met werkgevers, onderwijsinstellingen en studentenorganisaties om deze uitdagingen aan te pakken.
Het kabinet heeft de hoofdlijnen van het wetsvoorstel bekendgemaakt. Naar verwachting volgt begin 2027 een internetconsultatie. Daarna wordt het wetsvoorstel behandeld door de Tweede en Eerste Kamer. Een exacte ingangsdatum is daarom nog niet bekend. Werkgevers zijn op dit moment nog niet verplicht een stagevergoeding te betalen, tenzij hierover afspraken zijn gemaakt in de cao of de stageovereenkomst.


